Risicoparagraaf

Risicoparagraaf

Wij hebben een duidelijke strategie om onze volkshuisvestelijke doelen te realiseren. Hierbij is het aangaan van risico’s onvermijdelijk. De directeur-bestuurder is eindverantwoordelijk voor het bepalen van wat daarbij maximaal acceptabel is, oftewel welke risiconiveau  acceptabel is. Met behulp van risicomanagement wordt inzichtelijk gemaakt welke risico’s we lopen en welke maatregelen we treffen om deze risico’s te beperken tot een aanvaardbaar niveau.

In 2016 hebben we ons risicomanagementbeleid vastgesteld. Daarin hebben we onder meer de gemaakte beleidskeuzes en de verantwoordelijkheden ten aanzien van het risicomanagement vastgelegd. Sinds 2016 is het risicomanagement geïntegreerd in onze p&c-cyclus. In tussentijdse rapportages leggen we - naast de realisatie van de doelen en de financiële verantwoording -  verantwoording af over risico’s en beheersmaatregelen. De risico-inschatting en de werking van de beheersmaatregelen worden op deze wijze periodiek beoordeeld en waar nodig herijkt. Door het uitvoeren van interne audits, gebaseerd op risk-based auditing, beoordelen we beheersmaatregelen op hun opzet, bestaan en werking.

In het boekjaar 2017 zijn geen nieuwe risico’s geïdentificeerd dan wel hebben gebeurtenissen plaatsgevonden die tot aanpassingen in het risicomanagementsyteem hebben geleid.

Risicobereidheid
Wij zijn van oudsher een risicomijdende corporatie. Dat is zichtbaar in de huidige gezonde financiële positie. Wij proberen risico’s zoveel mogelijk te beperken, mits de (kosten van de) beheersmaatregelen in een gezonde relatie staan tot de hoogte van de mogelijke risico’s.  Deze lage risicobereidheid vertaalt zich onder meer in het aanhouden van een hogere financiële buffer dan voorgeschreven door de externe toezichthouders en een voorkeur voor zekere bedrijfsvoering boven eventuele resultaatmaximalisatie.

Soft controls
Hoewel we geen expliciet systeem voor het vastleggen van soft controls kennen, zijn we ons zeker bewust van het belang hiervan. Het is de basis voor een goed werkend risicomanagementbeleid. Ons uitgangspunt is dat risicobeheersing voor een heel groot deel wordt bepaald door gedrag. In voorgaande jaren werden dilemmatrainingen en workshops klantgericht werken georganiseerd en werd een leiderschapstraject gevolgd. In 2017 hebben we aan deze activiteiten een vervolg gegeven binnen het proces rondom de nieuwe strategische koers. De open cultuur kenmerkt de wijze waarop dit proces is vormgegeven. In sector overstijgende themabijeenkomsten hebben collega's discussies gevoerd en dilemma’s gedeeld over fundamentele vraagstukken.

Een belangrijke soft control is ook de ‘tone at the top’. Daarvoor loopt vanaf de reorganisatie in 2014 een meerjarig traject om het leiderschap van alle leidinggevenden binnen onze organisatie op een hoger niveau te krijgen. Dit traject is gekoppeld aan een cultuurtraject. Het managementteam heeft zich in 2017 laten inspireren door een filosoof, om te leren hoe we dilemma’s kunnen benoemen, bediscussiëren en uitdiepen.

De soft controls zijn een belangrijk onderdeel van de zogenaamde ‘checks and balances’ op bestuursniveau. Zo organiseren we formele en informele contactmomenten tussen de RvC-leden en de leden van het managementteam, zodat de RvC breder wordt geïnformeerd dan alleen door de directeur-bestuurder. Ook worden medewerkers uitgenodigd bij RvC-vergaderingen om nadere toelichting te geven op specifieke onderwerpen. Ieder kwartaal is er overleg tussen de manager f&c, die tevens de controlfunctie vervuld, en de voorzitter van de auditcommissie. Zo streven wij naar optimale transparantie over ons beleid, ook richting de toezichthouders. Omdat we al langere tijd zo werken, kon het management team de tijdelijke afwezigheid van de directeur-bestuurder vrijwel geruisloos opvangen.

Per 1 juli 2017 heeft Actium haar Reglement financieel beleid en beheer aangepast ten aanzien van de controlfunctie. De controlfunctie is daarmee belegd in een onafhankelijke positie, rechtstreeks onder de directeur-bestuurder en is daarmee losgekoppeld van de sector finance & control, waaronder ook de financiële administratie valt. Met ingang van 1 april 2018 is de vacature van business controller ingevuld. Daarmee is de controlfunctie overgegaan van de manager f&c naar de business controller en de onafhankelijke controlfunctie geëffectueerd.

 

Risicoanalyse
We werken in een wereld waarin veel verandert als het gaat om toezicht en wet- en regelgeving. Ook  spelen er maatschappelijke ontwikkelingen die direct of indirect van invloed zijn op ons beleid. Dat brengt risico’s met zich mee. Risico’s die er toe kunnen leiden dat we onze doelstellingen niet halen. We kunnen risico’s niet altijd vermijden, maar maken ze inzichtelijk en proberen ze binnen de gewenste risicobereidheid te beheersen.

Wij zien voor onze organsiatie de volgende belangrijkste actuele risico’s:

Risico’s op het gebied van  wet- en regelgeving
1. Overheidsingrijpen – Compliance
2. Belastingen en heffingen

Strategische risico’s
3. Mismatch vraag en aanbod
4. Beschikbaarheid bouwgrond sociale woningbouw
5. Duurzaamheid

Financiële risico’s
6. Kapitaalmarkt (rentestanden)

Operationele risico’s
7. Rapportering en datakwaliteit
8. Informatiebeveiliging

Ad 1     Overheidsingrijpen - Compliance
Per 1 juli 2015 is de nieuwe Woningwet van kracht. De Woningwet, aangevuld met het Besluit Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting (BTiV) en de Regeling Toegelaten Instellingen Volkshuisvestging (RTiV) vervangt de oude Woningwet en het Besluit Beheer Sociale Huursector (BBSH). Per 1 juli 2017 is de zogenaamde Veegwet ingegaan. De Veegwet bevat een aantal aanpassingen op de oorspronkelijke woningwet uit 2015.

Een belangrijke aanpassing in de wet betreft de inrichting van woningmarktgebieden. Actium valt onder de woningmarktregio Groningen-Drenthe. Dit heeft consequenties voor ons bezit in de gemeente Ooststellingwerf.  Hier hebben we in Oosterwolde een grote herstructureringsopgave en verwachten we nog een uitbreidingsopgave rondom een zorginstelling. Ook in de kleinere kernen van deze gemeente verwachten we nog opgaven, die voortvloeien uit de krimp in de regio. Omdat Oosterwolde door de indeling van de woningmarktgebieden nu buiten ons wettelijke kenrwerkgebied valt, bestaat het risico dat we onze volkshuisvestelijke taken en opgaven in Ooststellingwerf niet (optimaal) kunnen realiseren. Voor de herstructurering in Oosterwolde hebben we een ontheffing op projectbasis aangevraagd en gekregen. Een permanente ontheffing is de beste garantie voor het uitvoering van onze volkshuisvestelijke taak in deze gemeente.

Ad 2     Belastingen en heffingen
Vanaf 2013 betalen alle corporaties een verplichte verhuurderbelasting over hun woningbezit. Vanaf 2014 kwam daar de saneringsheffing bij. Met ingang van 2015 betalen corporaties ook een bijdrage voor de kosten van het toezicht door de Autoriteit woningcorporaties (Aw). In onze meerjarenbegroting houden we rekening met het afdragen van deze heffingen. De hoogte van de heffingen wordt jaarlijks herzien. Deze kostenposten, die een aanzienlijk deel van onze lasten uitmaken, zijn daarmee een onzekere factor in onze meerjarenbegroting. We schatten de verhuurderheffing voor 2018 op € 9,5 miljoen, oplopend naar € 11,3 miljoen in 2022.  

Tot en met de eerste maanden van 2018 kunnen corporaties aanspraak maken op een korting op de verhuurderheffing bij het doen van bepaalde nieuwbouwinvesteringen. Wij verwachten vanuit  onze projectenportefeuille aanspraak te maken op een aanzienlijke korting. De looptijd en definitieve verrekening is echter afhankelijk van de jaarlijks opnieuw vast te stellen regelgeving en daarmee onzeker.

De saneringsheffing is voor de jaren 2018 en verder ingerekend voor 1% van onze huuropbrengsten (circa € 1 miljoen). De verwachting is dat er de komende jaren nog een beroep zal worden gedaan op een bijdrage in de saneringsheffing.

Sinds 2008 betalen woningcorporaties verplicht vennootschapsbelasting. Tot en met 2014 hebben we de belastingdruk op nihil weten te houden door toepassing van fiscale faciliteiten. De fiscale wet- en regelgeving bepaalt onze mogelijkheden. Deze wet- en regelgeving verandert regelmatig. Vooral de fiscale bepalingen uit het regeerakkoord kunnen een behoorlijk negatief effect hebben. De voordelen van de aangekondigde verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting worden teniet gedaan door de renteaftrekbeperking. Per saldo zal de belastingdruk naar verwachting alleen maar toenemen, met naar schatting zo’n € 1,1 miljoen per jaar.

De ontwikkeling van de WOZ-waarderingen is een risico dat verder van invloed is op de belastingdruk van Actium. De ontwikkeling op dit gebied is lastig te voorspellen en daarmee een onzekere factor.

Om eventuele forse stijgingen van heffingen op te kunnen vangen zonder direct drastische maatregelen te hoeven nemen, hanteren wij hogere buffers voor onze ICR en solvabiliteit dan voorgeschreven door de toezichthouders.

Ad 3     Mismatch vraag en aanbod
De vraag naar sociale huurwoningen is in toenemende mate lastig te voorspellen. Naast de demografische ontwikkelingen spelen andere, steeds meer onvoorspelbare factoren hierbij een rol:

  • Passend toewijzen;
  • Huisvesting bijzondere doelgroepen (uitstroom geestelijke gezondheidszorg, statushouders);
  • Ontwikkelingen in de zorg.

Passend toewijzen
Wij voorzien dat door het passend toewijzen de wachttijd voor woningen in de huurprijsklasse goedkoop en betaalbaar toeneemt. In 2015 pasten wij daarom ons huurbeleid al aan en werken we met het zogenaamde streefhuurbeleid, dat jaarlijks wordt herijkt. Dankzij dit beleid classificeerden we een groter aantal sociale huurwoningen in de huurprijsklasse goedkoop en betaalbaar. Daarmee verwachten we de toename van de wachttijden te beperken of te voorkomen. Consequentie is echter wel dat onze huurinkomsten lager zijn dan mogelijk was geweest.

Huisvesting bijzondere doelgroepen
Als gevolg van het scheiden van wonen en zorg ontstaat meer vraag naar sociale huurwoningen voor mensen met psychische problemen of licht verstandelijke beperkingen. Ons aanbod voldoet qua type, kwaliteit en huurprijs niet altijd aan de gewenste vraag. Dat is een risico. Ook voorzien we mogelijke risico’s ten aanzien van leefbaarheid in wijken en dorpen, op plekken waar deze groep mensen onvoldoende begeleiding krijgt in het zelfstandig wonen. Wij monitoren de vraag, de wachttijden en de leefbaarheid. Zo hopen we eventuele problemen op tijd te signaleren en daarop te anticiperen. We maken afspraken met zorgpartijen over de locatie(spreiding) waar we deze doelgroep huisvesten en over de  begeleiding en ondersteuning die zij aan deze huurders kunnen bieden. Al met al maakt dit, in combinatie met de relatief hogere kosten van een mutatie bij deze doelgroep, dat het invullen van deze maatschappelijke opgave tot relatief hogere kosten leidt.

De onzekere stroom vluchtelingen, en daarmee de mogelijke toename van het aantal statushouders, kan zorgen voor een toenemende vraag naar sociale huurwoningen. Als voorrang moet worden gegeven aan statushouders, kunnen langere wachttijden ontstaan voor onze reguliere woningzoekenden.  Naast het bewaken hiervan, onderzoeken we of en hoe we ons aanbod beter kunnen afstemmen op een eventueel toenemende vraag van statushouders.

Ontwikkelingen in de zorg
Ruim achthonderd van onze verhuureenheden zijn gesitueerd in verzorgingshuizen of bijzondere woonvormen. Zorgconcepten en regelgeving op dat gebied zijn de afgelopen jaren sterk veranderd. Dat brengt voor ons de nodige verhuurrisico’s met zich mee. Wij hebben de afgelopen jaren onze risico’s sterk verkleind door het eigendom van intramuraal zorgvastgoed te delen met zorgpartijen of te sturen op volledig afstoten. Ondanks dat we de risico’s op leegstand van intramurale zorgcomplexen sterk verkleind hebben, maakt de omvang van onze portefeuille dat dit een blijvend risico is.

Ad 4     Beschikbaarheid bouwgrond sociale woningbouw
Uitbreiding door nieuwbouw  is alleen mogelijk als er grondposities voor sociale woningbouw tegen daarvoor afgesproken grondprijzen beschikbaar zijn of komen.  We zagen de afgelopen jaren dat deze  gronden onvoldoende beschikbaar werden gesteld, als gevolg van verlieslatende grondposities. In sommige gemeenten blijft dit een punt van aandacht. In de gemeente Assen, waar we de grootste opgave hebben, zien we dat de gemeente er veel energie in steekt om grondposities beschikbaar te stellen voor sociale woningbouw. Het blijft de komende jaren echter een punt van aandacht bij het realiseren van onze opgaven. Dit zullen we nadrukkelijk blijven opnemen in de prestatieafspraken die we maken. 

Ad 5     Duurzaamheid
In ons huidige beleid houden we rekening met investeringen in duurzaamheid. De komende jaren willen we - zoals verwoord in onze Strategische Koers - hierin nog grotere stappen zetten. Dit kan en zal leiden tot grote uitgaven. Omdat we  wonen ook betaalbaar willen houden, is de vraag of we onze grote ambities en investeringsopgaven ten aanzien van duurzaamheid volledig kunnen realiseren. Dat kan ons imago op het gebied van duurzaamheid en betaalbaarheid schaden.

Ad 6     Kapitaalmarkt en rentestand
Woningcorporaties zijn kapitaalintensieve ondernemingen. De rentelasten vormen een omvangrijke post in onze winst- en verliesrekening. Wijzigingen in de rentestand kunnen daarom tot afwijkingen leiden in de realisatie van die baten en lasten. Naast de invloed van de kapitaalmarkt kan het voornemen van het kabinet om een eigen risico op te nemen voor financiers, in relatie tot het WSW, de rentelasten negatief beïnvloeden. Dat eigen risico betekent in de praktijk dat een deel van de leningen zonder borgstelling gefinancierd moet worden. Het kabinet wil hiermee bereiken dat geldverstrekkers risico’s met een kritische blik beoordelen en de voortgang monitoren om budgettaire schade te vermijden. Het invoeren van een extra eigen risico voor banken kan zeer negatieve effecten hebben op de prijs en beschikbaarheid van kapitaal voor de woningcorporaties.

Wij proberen de risico’s van renteschommelingen te beheersen binnen de mogelijkheden die we vanuit wet- en regelgeving hebben. Ons financieel beleid bepaalt, samen met de afspraken die zijn vastgelegd in het treasury- en beleggingsstatuut, de kaders van onze financieringsactiviteiten. Daarin zijn allerlei waarborgen gesteld die de risico’s van financiering zoveel mogelijk beperken. Voorbeelden van die waarborgen zijn onder andere voldoende spreiding van aflossingsverplichtingen, voldoende flexibiliteit in rentevaste periodes, het aanhouden van voldoende liquide middelen als buffer en maximale borging.

Ad 7     Rapportering en datakwaliteit
Jaarlijkse mutaties in de uitvraag van data, nieuwe rapportage-eisen en aanpassingen in het toezicht en de daarvoor aan te leveren informatie vergroten het risico op fouten in de verantwoording en rapportage. Door de jaarlijkse aanpassingen kunnen we de te leveren informatie niet altijd automatiseren. Het handwerk en het feit dat de mogelijkheid tot vergelijking met voorgaande perioden ontbreekt maken ook dat controles niet altijd effectief blijken. Het risico bestaat dat dit leidt tot onjuiste of onterechte conclusies en beslissingen.

We proberen zoveel mogelijk te automatiseren, te werken volgens het vierogenprincipe en waar mogelijk aan te sluiten op externe en landelijke indicatoren, normen en definities. We zijn daarbij echter ook afhankelijk van de eisen die externe toezichthouders stellen en de informatie die zij uitvragen. 

Ad 8     Informatiebeveiliging
Cybercriminaliteit vormt in toenemende mate een risico voor de beschikbaarheid, continuïteit en betrouwbaarheid van de geautomatiseerde gegevensverwerking in combinatie met de toename van digitale oplossingen (zoals de I-website en het klantvolgsysteem). Risico’s in het betalingsverkeer op ongeoorloofde onttrekkingen van financiële middelen of het onttrekken van persoonsgegevens of andere vertrouwelijke gegevens nemen toe.

Eind mei 2018 treedt de Algemene Verordening Gegevensverwerking (AVG) in werking. We hebben de zorg om te blijven voldoen aan de privacy en beveiligingsvereisten vroegtijdig opgepakt. Het doel is te zorgen voor een samenhangende set van technische én organisatorische maatregelen ter beveiliging en bescherming van gegevens, met  een helder beleidskader als ankerpunt.